In deze hilarische postmoderne novelle van de experimentele auteur (1966) voor de avontuurlijke lezer is de plot (een 20 minuten durende huisbezichtiging) graatmager. Verkoper Charles (die T-shirts draagt met ironische opschriften) is een nogal eenzelvige 40-jarige verzamelaar, die teddyberen maakt en repareert, waarvan hij vervolgens geen afstand kan doen. Hij volgt de (non-fictionele) zelfhulpgoeroe Richard Grannon om grip op zijn leven te krijgen. Dit geldt ook voor de meeste andere aanwezigen, makelaar Avigail en een Chinese koopster en haar dochter. Waar het de auteur om gaat is haar zoektocht naar en twijfel aan soevereiniteit (titel), die zich toont in een constante onderbreking van ieders gedachtestroom met terzijdes en commentaren, met als hoogtepunt een verdediging tegen een personage van Ethiopische oorsprong dat ze zelf uit het verhaal heeft geschreven. Typerend voor de winnares van de Goldsmiths Prize 2017 voor experimentele romans, maar tevens indicatief voor de verborgen diepgang (het thema 'uitsluiting') in deze creatieve, maar licht verteerbare metafictionele klucht.