Jakób, een jonge Poolse verzetsstrijder, heeft zijn aanslag op een Duitse trein tot in de puntjes voorbereid. De trein blijkt niet gevuld met oorlogsmaterieel, maar met Joden op weg naar Auschwitz...
De zesjarige Gretl is de enige overlevende. Verteerd door schuldgevoelens neemt Jakób het kleine meisje mee. Drie jaar lang woont ze bij zijn familie, en houden Gretl en Jakób elkaars geheim verborgen.
Na de oorlog stuurt Jakób haar naar Zuid-Afrika in de hoop haar een goede toekomst te geven. Gretl vindt een thuis bij een warm gezin en is er gelukkig - totdat Jakób haar achterna reist, en Gretl opnieuw met de geheimen van haar verleden wordt geconfronteerd.